29 juli 2014

Een late introductie over mijn geloof

Ik kom uit een gereformeerd nest. Moeders is streng gereformeerd opgevoed en pa was Luthers. Het was, zeker in het begin, niet meer dan logisch dat wij mee gingen naar de kerk, een christelijke lagere - en middelbare school bezochten en eigenlijk ook in de gereformeerde jeugdvereniging zouden komen. Ik volgde die uitgestippelde weg nog wel, maar de drie onder mij verzette zich er tegen. Goed tot een bepaalde leeftijd kwamen ze mee, maar toen mijn broer Alex eenmaal de kans schoon zag bleef hij weg uit de kerk. En mijn jongste broer en mijn zus, zij het in mindere mate, namen het gedrag over.

Ik volgde vanaf mijn 14de catechisatie en was volgens mij een jaar of 18 / 19 dat ik belijdenis deed. Moeders blij natuurlijk, maar, mede door de boeken die ik rond die tijd begon te lezen, dwaalde ik van de kerk af. Ik was zoals gezegd ongeveer vijf / zes jaar echt flink met het geloof en God bezig. Volgde trouw de catechisatie en had soms op school flinke discussies over het geloof met klasgenoten die zich bij de baptisten gemeenschap hadden aangesloten. Ik denk dat ik vanaf mijn twintigste stopte met naar de kerk gaan. Ik kreeg een andere gedachtegang over het geloof, en de kerk kon mij hierin niet helpen vond ik. Daarnaast begon ik de kerk als hypocriet te zien en zeker ook mij te distantiëren van het feit dat alles in naam van het geloof geoorloofd was.

Ik was in die tijd erg verslaafd aan de Perry Rhodan reeks, een wekelijkse Science Fiction serie zoals zeg maar die doktersverhalen die wekelijks bij de bladenwinkels lagen. Daarin werd de mensheid beschermd door een wezen, Het geheten, dat evolutionair gezien op een hogere trede van de ladder stond. Een gegeven dat naderhand jaren later ook in de Stargate series zijn intrede zou doen, alleen dan onder de naam The Ancients. Wezens die het lichamelijke hadden verruild voor hogere geestelijk bestaan, en als pure energie in het heelal leven.

Zo begon ik mij God ook voor te stellen. Een wezen uit een hogere dimensie die over ons waakt en waar nodig begeleidt. Naderhand las ik boeken van Zetchin, die vertelde dat het menselijk ras was ontworpen als een evenbeeld van een buitenaards ras de Anunnaki (lees er hier meer over),  die duizenden jaren geleden een basis hadden op wat tegenwoordig het continent Afrika is. De mensen werkten als slaven voor de Anunnaki en moesten delfstoffen verzamelen. Ze waren ook niet in staat zichzelf te vermenigvuldigen, maar uiteindelijk bleek dat wel te kunnen. De mensen kwamen in opstand tegen de Anunnaki en verspreidde zich over de aarde. Ook Werner von Däniken heeft een soortgelijk verhaal in zijn 'Waren de goden kosmonauten'.

Dan is er natuurlijk nog het verhaal dat God in werkelijkheid in ieder mens zit. Ieder mens is een god op zichzelf. Het verbreedde uiteindelijk wel mijn kennis en gaf me bepaalde inzichten, al wist ik ze niet goed toe te passen.

Vandaag de dag geloof ik nog steeds dat er een hoger wezen is dat over ons waakt en waar je, zij het eenzijdig, mee kunt communiceren. Ik denk dat ieder mens dit op een bepaalde manier nodig heeft. En of dit dan om de inwendige god IK gaat, of om een hoger wezen ergens in het heelal of in een andere dimensie, dat maakt niet uit. Ik zie het in ieder geval niet als een wezen waarin je diep moet geloven en wiens woorden, de Bijbel ooit in de derde eeuw na Christus opgesteld door een bepaalde christelijke stroming die, door hun bevoorrechte positie bij de toenmalige Romeinse keizer, vond dat hun boeken erin moesten en niet die van andere christelijke stromingen die een meer menselijke manier van geloven aanhingen (denk aan Jezus was getrouwd, of dat god de inwendige IK is), je tot op de letter moet volgen en uitvoeren. (lees maar eens het boek De Talisman van Graham Hancock en Robert Bauval).

Geen opmerkingen:

Een reactie posten